Ouder worden is best vernieuwend!

Auteur Hugo De Bondt

In mijn jonge flowerpowerjaren dacht ik dat het leven een klim was. Elke dag sneller, hoger, verder. Ik wilde mijn naam achterlaten in de lucht. Mijn stem laten horen boven het rumoer van de wereld.

Ik dacht dat kracht lag in hardheid. In het nooit toegeven, in het altijd klaarstaan om mijn gelijk te bewijzen. Het beschermde me, maar het maakte me ook moe. Want achter dat pantser klopte een hart dat soms verlangde naar zachtheid. Maar ik was bang dat zachtheid zou breken.

De jaren hebben me geleerd dat het anders kan. Niet in één keer, maar langzaam. Ik begon te begrijpen dat niet alles een strijd hoeft te zijn. Dat sommige nederlagen eigenlijk ook geschenken kunnen zijn.

Ik ben zachter geworden. Niet omdat ik minder sterk ben, maar omdat ik door de jaren heen ontdekt heb dat kracht ook stil kan zijn. Dat het soms sterker is te luisteren dan om te spreken. Om te vergeven in plaats van te oordelen. Om te buigen zonder te breken.

De rimpels in mijn gezicht zijn geen littekens van ouderdom, maar verhalen die de tijd heeft geschreven. Ze vertellen niet alleen over dagen vol zorgen, maar ook over dagen van lachen tot de tranen kwamen. Over momenten waarop ik dacht dat ik niet verder kon, maar toch verder ging.

Mijn handen zijn veranderd. Ze zijn niet meer zo snel als vroeger, maar ze weten nu beter hoe ze moeten aanraken. Ze kunnen troosten zonder woorden, loslaten zonder spijt, vasthouden zonder te knellen.

Met ouder te worden heb ik geleerd dat zachtheid geen zwakte is, maar een bewuste keuze. Een keuze om niet altijd te vechten, om vrede te sluiten met wat was. Om ruimte te maken voor wat nog komt. De wereld is luid, snel en soms hard. Ik beweeg er nu anders doorheen. Ik zoek niet langer naar het hoogste podium, maar naar de plek waar ik kan zitten, kijken en begrijpen.

Ik zie meer grijstinten. Meer verhalen achter de gezichten. Meer redenen om te luisteren in plaats van te oordelen. En misschien is dàt het mooiste geschenk van al die vervlogen jaren: dat ik niet langer bang ben om zacht te zijn. Dat ik weet dat buigen niet betekent dat ik breek. Dat juist in de zachtheid een stille, onwankelbare kracht schuilt die geen applaus nodig heeft.

Luisteren kan zoveel zeggen.

Reeds op vijfjarige leeftijd kreeg ik het sociale gevoel mee van mijn vader die arts was. Ik mocht vaak met hem mee op huisbezoek bij patiënten die tijdens de Tweede Wereldoorlog alles verloren hadden. In die kille, donkere kamers, waar armoede en waardigheid naast elkaar leefden, leerde ik toen al wat zorg eigenlijk betekent: aanwezig zijn bij wie kwetsbaar is. Die vroege ervaringen hebben mijn blik gevormd.

Ik word 78 jaar. Als raadslid bij het BCSD (Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst) de oudste politicus van onze mooie stad. Mijn knieën kraken soms als ik over de kasseien loop. Mijn stappen zijn misschien ietwat trager dan vroeger. Maar mijn hart is nooit trager geworden. Integendeel. Met de jaren is het alleen maar ruimer geworden. Als politicus begrijp ik dat wetten belangrijk zijn, maar menselijkheid is ook onmisbaar. Dat vooruitgang niet altijd sneller gaat, maar wel menselijker als iemand de tijd neemt om te luisteren.

Mensen vertellen mij hun verhalen. Soms boeiend, soms triest. Ik luister omdat het nodig is. Dat heb ik altijd gedaan. Ik geloof niet in politiek van grote woorden alleen, maar in kleine daden die vertrouwen wekken. Een gesprek, een handdruk, een knuffel… Een eerlijk ‘Ik begrijp je’.

Zorg is nooit individueel. Ze is ook een maatschappelijk weefsel wanneer mensen onzichtbaar worden. Wanneer dat weefsel rafelt, wanneer mensen onzichtbaar worden en wanneer waardigheid onder druk komt te staan, hebben we mensen nodig die blijven ‘zien’. Die blijven luisteren. Die blijven binnengaan waar anderen wegkijken.

Sommigen noemen me ouderwets. Ik neem dat als een compliment. Ik blijf geloven dat respect belangrijker is dan gelijk krijgen. Dat samenwerken sterker is dan polarisatie. Wanneer debatten verharden, probeer ik de temperatuur te verlagen. Brugge mag geen strijdtoneel zijn; het moet een verbonden en warme gemeenschap blijven.

Mijn decennialange ervaring is mijn kracht. Ik heb crisissen zien komen en gaan. Ik heb beloften zien breken. Ik weet dat snelle oplossingen zelden duurzame oplossingen zijn. Geduld, zorg en menselijkheid: dàt telt. ‘

“Waarom doe je nog steeds aan politiek?” vragen ze me soms. Waarom ik mij nog engageer op mijn leeftijd. “Wel, omdat ik mijn stad en zijn inwoners liefheb. Omdat Brugge het waard is. Omdat warmte geen houdbaarheidsdatum heeft. Omdat empathie geen pensioen kent.”

Met mijn 78 jaar ben ik de oudste lokale politicus van Brugge en wellicht van de provincie. Of misschien zelfs van Vlaanderen. Maar zolang mijn gezondheid het toelaat, geef ik niet op. Zolang mensen mij aanspreken, hun verhaal delen en zich gehoord en gesteund voelen, weet ik dat ik precies ben waar ik moet zijn.