Wijngaarden op terrils

Net over de grens, in Haillicourt (vlakbij Bethune), wordt wijn geteeld. Men zou het er niet onmiddellijk verwachten.

Les corons – de kleine mijnwerkerswoningen uit het grauwe noorden – zijn nog altijd de stille getuigen van hard labeur en miserie in een regio waar men moest knokken om te overleven. De terrils, steenbergen voor onze noorderburen, zijn er ook nog. In de jaren ’70 van vorige eeuw waren er nog 340, waarvan sommigen wel 350 meter hoogte bereikten. Toegeven, ze geven vaak een desolate aanblik. Niemand wordt echt enthousiast van naar een terril te kijken.

Bij de steenkoolwinning werd het steenafval en gruis ongewild mee naar het oppervlak gehaald. In de wasserij en zeverij werden de kolen van dat ‘afval’ gescheiden. Door dat ‘afval’ jarenlang op te hopen ontstonden dan terrils. Na de sluiting van de mijnen bleven die terrils er een beetje verwaarloosd bij liggen. Bij enkelen deed de natuur zijn werk door spontane aanwas. Andere werden bezaaid en op nog anderen werden wandelwegen en mountenbikesroutes aangelegd.

Eentje verdient onze totale aandacht, namelijk deze van 62940 Haillicourt in het arrondissement Béthune, in de regio Nord-Pas-de-Calais. Het stadje van zo’n 5000 inwoners heeft sinds kort wijnbouw op haar grondgebied, op de terrils van weleer. Dan spreken we specifiek over terril nr 9, ontstaan in 1904. Een paar enthousiaste wijnfanaten – een apotheker en een tuinbouwer –  hebben het aangedurfd druiven te kweken op de flanken van de mijnterril van Haillicourt, 336 meter hoog. Onze ‘steenkoolwijnboeren’ hebben hun wijn de naam ‘Charbonnay’ meegegeven, uiteraard verwijzend naar de bekende witte wijndruif Chardonnay en naar charbons. Zo’n terril zou over alle kwaliteiten beschikken om goede druivensappen in de fles te brengen: de zon heeft er een directere impact en de samenstelling van de ondergrond houdt de zonnewarmte beter vast, zo een beetje te vergelijken met de keien van de crus uit de zuidelijke Rhônestreek, de Gigondas bijvoorbeeld. Bovendien zorgt de losse structuur van de onderlaag voor een goede vochtafvoering (drainage) en zijn er meer mineralen te vinden.  De wind – die voor verkoeling zorgt  – droogt de druiven, zodat odium en peronospora (de schimmels die in de Bordeauxstreek voor een ware ravage kunnen zorgen) zich hier moeilijker kunnen ontwikkelen. Omdat de economische activiteit in deze regio te wensen overlaat, worden alle initiatieven in dank aanvaard. Zelfs het gemeentebestuur van Haillicourt zag ‘brood’ in een plaatselijke wijn. Daarom stelde ze de terril ter beschikking van de initiatiefnemers en gingen ze zelfs voor een derde (€ 8000,00) in de kostprijs van de aanplantingen participeren. In ruil daarvoor krijgen ze een derde van de flessen die de gemeenteraden en de recepties van de gemeente opvrolijken. Er staan 2000 wijnstokken, een potentieel van enkele duizenden flessen dus. De eerste oogst kwam er na drie jaar en was goed voor 500 flessen.

Door de vrij strenge Franse wijnwetgeving mochten die mensen hun wijn niet verkopen. Er zijn slechts twee Franse gebieden waar wijnteelt en commercialisering van wijn uit eigen regio niet wordt toegestaan: Nord-Pas-de-Calais en Bretagne. De flessen konden dus alleen gratis aangeboden worden. De aanplantvergunning geldt ook slechts voor 18 jaar, waarna ze in principe moet vernietigd worden. Onze wijnboeren hebben er uiteraard alles aan gedaan om een uitzondering te verkrijgen. Uiteindelijk is het gelukt en mocht de oogst in 2014 wel verkocht worden. Rijk zullen ze er echter niet van worden. Het (officieel) zakencijfer in 2014 bedroeg € 1.400. Maar geef toe, het initiatief mag er zijn.

De druivenstokken – aangevoerd uit de Bourgognestreek – voelen zich volgens wijnkenners thuis op die mijnterrils van Haillicourt. De eerste oogst was zeer belovend. Initiatiefnemer Olivier Pucek sprak van ‘een zeer mooie jus’ waarvan de zuurtegraad een ‘grote wijn’ laat verhopen. Bovendien bevat de jus verrassende citroentoetsen. Dat komt wellicht door de kracht van de ondergrond. Om te stellen dat het noorden ooit een Grand Cru gaat voortbrengen, is het nu nog te vroeg.

Zolang de voorraad strekt kan de wijn in de plaatselijke horeca gedronken worden.

RVW

%d bloggers liken dit: